Geert Vancoillie
• De eerste Vlaamse literaire vertaler: hoe een monnik drie talen verbond: Engels, Nederlands en Latijn: Hebban olla vogala...
Leestijd: 5 minuten
•
21/02/2026
De eerste Vlaamse literaire vertaler: Hebban olla vogala .....
Dat het oudste Nederlandse zinnetje “maltho, thi afrio, theo” is, en niet “hebban olla vogala” kan geleerd worden uit deze blogpost. Deze keer gaan we dieper in op de tweede zin, die het begin van de Nederlandse literatuur inluidt. We bieden een antwoord op de vraag wie deze legendarische zin schreef, en waarom. En is dit nu echt Oudnederlands, of vallen er toch invloeden van andere talen te bespeuren?
1. Een mysterieuze monnik: vertaler Nederlands met een veer
Stel je voor: het is rond het jaar 1100. Middeleeuwen. In de stilte van een Engelse abdij in Rochester, Kent, dopt een West-Vlaamse monnik zijn ganzenveer in de inkt. Om zijn nieuwe pen te testen, een probatio pennae, schrijft hij een zin neer. Wat hij niet weet, is dat deze dertien woorden eeuwen later zullen worden beschouwd als het begin van de Nederlandse literatuur én de eerste Vlaamse vertaling ooit. Hij schrijft:
Hebban olla vogala nestas hagunnan,
hinase hic enda thu. Wat unbidan we nu?
Dit zinnetje is sinds jaar en dag een onmisbaar onderwerp in de lessen Nederlands in het middelbaar onderwijs. De lezer die toen aandachtig was weet dan ook dat dit “Alle vogels zijn al nesten aan het bouwen, behalve ik en jij. Waar wachten we nog op?” betekent. Met dit zinnetje, dat werd ontdekt door de Engelsman Sisam in 1932 in een bibliotheek in Oxford, werd het startschot gegeven van de Nederlandse literatuurgeschiedenis.(1) Deze zin wordt uitgebreid geanalyseerd in het werk van de Nederlandse letterkundige Frits van Oostrom.(2)
2. Van Latijnse pen tot Nederlandse vertaling
Het was echter niet enkel het startschot van het Nederlandse canon, maar ook dat van de Nederlandse vertaalwetenschap. Deze Vlaamse monnik kopieerde namelijk zowel teksten in het Oudengels als het Latijn, en zoals we ondertussen weten, ook het Oudnederlands. Naast het Oudnederlandse hebban olla vogala, schreef hij ook de Latijnse vertaling erboven. Alhoewel deze boven de Nederlandse tekst staat, gaat men ervan uit dat de Vlaamse tekst eerst kwam, aangezien de Latijnse vertaling van onder naar boven te lezen valt(3) (quid expectamus nunc is de laatste zin):
Quid expectamus nunc
abent omnes volucres nidos inceptos nisi ego et tu
In een tijd waarin taalverspreiding nog hoofdzakelijk via mondelinge traditie of religieuze teksten gebeurde, is dit een vroeg bewijs van meertalige schriftelijke communicatie. Wat deze monnik deed, staat aan de wieg van wat we vandaag kennen als vertaalwetenschap.
3. Is “hebban olla vogala” dan toch geen Nederlandse vertaling?
De herkomst en exacte taalkundige identiteit van het zinnetje heeft taalwetenschappers decennialang beziggehouden. Is het Oudnederlands? West-Vlaams? Of toch Oudengels met een Vlaamse invloed?
De meeste onderzoekers waren van mening dat dit een Oudnederlandse zin was, misschien zelfs West-Vlaams(4) maar een minderheid meende dan weer Oudengels te herkennen.(5) Sinds het onderzoek van taalkundige Luc De Grauwe besluit men tot een hybride mengeling van beide; een bewuste mengtaal, bedoeld om begrijpelijk te zijn voor zowel Oudnederlandse als Oudengelse lezers.(6)
Recent onderzoek uit 2024 door literatuurhistoricus Angerer aan de universiteit van Oxford bevestigt het standpunt van De Grauwe.(7) Dankzij multispectrale beeldvorming, een techniek waarbij vervaagde inktresten zichtbaar worden gemaakt, kon men de oorspronkelijke schrijfwijze van de woorden reconstrueren. De conclusie: de tekst is doelbewust meertalig opgebouwd.
4. Vertalers Oudnederlands en Vertalers Oudengels
Volgens Angerer weerspiegelt de mengeling van talen de leefomgeving van de monniken in de abdij, waar verschillende talen werden gesproken en geschreven. Hij meent dan ook dat de schrijver opzettelijk een mengvorm van beide talen gebruikte, zodat zowel sprekers van het Oudnederlands als van het Oudengels zijn tekst konden begrijpen.(8)
Met de Latijnse vertaling boven de Nederlandse tekst speelde de monnik “een spel van drie talen” en was het niet enkel een probatio pennae, maar zoals emeritus-hoogleraar Dekeyser het benoemde, ook een probatio linguae.(9)
5. De geboorte van vertalen als professioneel vertalersberoep
De Vlaamse monnik was niet alleen een kopiist, maar ook één van de eerste officiële vertalers in West-Europa. Zijn werk illustreert wat vertalers vandaag nog steeds doen: mensen verbinden over taalgrenzen heen met hun vertalingen, met kennis van context, cultuur en doelgroep.
Ook de vertaalbureaus in Vlaanderen zetten deze traditie voort. Waar monniken vroeger teksten bewaarden en overzetten tussen talen, zorgen moderne beëdigde vertaalprofessionals voor nauwkeurige, contextbewuste vertalingen van officiële documenten, van notariële aktes tot juridische stukken.
Bij Crealingua werken beëdigde vertalers Frans, Nederlands en Engels met dezelfde toewijding als die ene monnik 900 jaar geleden. Elk woord telt en elke vertaling bouwt een brug. Wat unbidan we nu?
Voetnoten & Literatuurlijst
Bronnen de laatste keer geraadpleegd in februari 2026
(1) van Oostrom, Frits. Stemmen op schrift. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur vanaf het begin tot 1300. Bert Bakker, 2006, p. 107, https://www.dbnl.org/tekst/oost033stem02_01/.
(2) van Oostrom, Frits. Stemmen op schrift. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur vanaf het begin tot 1300. Bert Bakker, 2006, p. 97, https://www.dbnl.org/tekst/oost033stem02_01/.
(3) van Oostrom, Frits. Stemmen op schrift. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur vanaf het begin tot 1300. Bert Bakker, 2006, p. 102, https://www.dbnl.org/tekst/oost033stem02_01/.
(4) Schönfeld, Moritz. “Een oudnederlandse zin uit de elfde eeuw.” Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, nr. 52, 1933, pp. 1-8, https://www.dbnl.org/tekst/scho074oudn01_01/scho074oudn01_01_0001.php.
(5) Cotman, Frédéric en Taeldeman, Johan. “Hebban olla uogala revisited.” Amsterdamer Beiträge zur älteren Germanistik, nr. 57, 2003, pp. 221-232.
(5) De Grauwe, Luc. “Zijn olla vogala Vlaams, of zit de Nederlandse flologie met een koekoeksei in (haar) nest(en)?” Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, nr. 120, 2004, pp. 44-56, https://www.dbnl.org/tekst/_tij003200401_01/_tij003200401_01_0004.php.
(6) Angerer, Michael. “Hebban olla vogala: An Eleventh-Century Link Between Dutch and English Literary History.” Neophilologus, nr. 108, 2024, pp. 467-484, https://link.springer.com/article/10.1007/s11061-024-09807-x.
(7) Angerer, Michael. “Hebban olla vogala: An Eleventh-Century Link Between Dutch and English Literary History.” Neophilologus, nr. 108, 2024, p. 472, https://link.springer.com/article/10.1007/s11061-024-09807-x.
(8) Dekeyser, Xavier. “Hebban olla vogala nestas hagunnan. Een Vroegnederlands kroonjuweel of een mythe?” in Dominiek, Sandra (red.), Tussen taal, spelling en onderwijs. Essays bij het emeritaat van Frans Daems, Academia Press, 2007, p. 124.
Literatuurlijst
Sisam, Kenneth. “MSS. Bodley 340 and 342: Ælfric’s Catholic Homilies.” The Review of English Studies, nr. 33, 1933, pp. 1-12. https://doi.org/10.1093/res/os-IX.33.1.
van Maris, Berthold. “Gedicht ‘Hebban olla vogala’ is een hybride van Oudnederlands en Oudengels, zegt nieuw onderzoek.”, De Standaard, 1 juli 2024, https://www.standaard.be/media-en-cultuur/gedicht-hebban-olla-vogala-is-een-hybride-van-oudnederlands-en-oudengels-zegt-nieuw-onderzoek/40776729.html
Over de auteur
Dit blogartikel werd geschreven door Geert Vancoillie.
Met een passie voor talen, vertalen en ondernemerschap, startte Geert Vancoillie in 1997 zijn vertaalbureau Crealingua op. Met bijna 30 jaar ervaring heeft Geert een schat aan expertise opgebouwd in beëdigde vertalingen, legalisatie en apostillering van bedrijfsdocumenten voor bedrijven, KMO’s en particulieren.
Geert Vancoillie heeft een dubbele academische achtergrond in taal- en letterkunde en bedrijfskunde. Hij is licentiaat Romaanse talen met een specialisatie in Italiaanse letterkunde (KUL) en behaalde ook een MBA aan de Vlerick Business School (UGENT).
Geert Vancoillie staat nog dagelijks met beide benen in de vertaalpraktijk. En heeft sinds 1997 al meer dan 5.000 ondernemers geholpen bij het beëdigd vertalen van belangrijke bedrijfsdocumenten. Hij is zelf een expert beëdigd vertaler erkend door de FOD Justitie.be voor Nederlands, Frans, Engels, Duits, Spaans en Italiaans.
Met een uitgebreid netwerk van native vertalers biedt Crealingua.be eveneens beëdigde vertalingen aan in meer dan 40 talen.
Over Crealingua.be
Vertaalbureau Crealingua is een officieel vertaalbureau met beëdigde vertalers erkend door FOD Justitie.be. Crealingua is al sinds 1997 en dus bijna 30 jaar expert in beëdigde vertalingen voor particulieren, bedrijven en de publieke sector. Vertrouwd door meer dan + 5.000 klanten. Met een positieve reviews en een kwaliteitsscore van 9,2 /10.
Vertaalkantoor Crealingua is op vandaag uitgegroeid tot één van de marktleiders in Vlaanderen voor professionele en beëdigde vertalingen van alle documenten en beschikt over een uitgebreid team van:
• Beëdigde vertalers
• Juridische beëdigde vertalers
• Marketing vertalers
• HR-vertalers
• Financiële vertalers
• Technische vertalers